Klantreis
Pas zag ik de documentaire ‘Klantreis’, die vanaf 23 april draait in de filmtheaters. Deze film blijft hangen. Niet door spectaculaire gebeurtenissen, maar door de pijnlijke herkenbaarheid. Als kijker volg je enkele nieuwkomers tijdens hun inburgeringsproces in Breda. De openheid waarmee de gemeente laat zien hoe het systeem in de praktijk werkt, raakte me direct. Het is allesbehalve vanzelfsprekend om een filmploeg zo’n inkijk te geven – dat vraagt lef en verdient waardering.
Opvallend is dat goede bedoelingen samen een bijna ondoordringbaar geheel vormen. Regels, formulieren en procedures maken het leven van de hoofdpersonen onnodig ingewikkeld. Deze complexiteit komt iedereen bekend voor die werkt in het gemeentelijke sociaal domein. Het systeem is gebouwd op rechtmatigheid en controle, maar voelt voor inwoners als een vijandig doolhof.
De film nodigt uit tot een beter gesprek: hoe maken we het morgen eenvoudiger? Inge Stassen-van Vlodrop van sociaal werkbedrijf Vidar laat op pagina 15 van dit magazine zien dat het anders kan. Mensen moeten nu vaak door tientallen hoepels springen, terwijl ze al in de overlevingsstand staan. Door het aanvraagproces terug te brengen tot vijf kernvragen, bewijst Vidar dat minder complexiteit geen naïef ideaal is, maar een haalbare kaart.
De Wet proactieve dienstverlening, die in september is ingediend, had de volgende grote stap moeten zijn. Dit wetsvoorstel maakt gegevensdeling mogelijk tussen gemeenten, UWV en SVB, zodat zij in staat worden om inwoners actief te wijzen op hun rechten. Het is een erkenning dat de overheid de plicht heeft de inwoner tegemoet te treden, in plaats van andersom. Ook koningin Máxima benadrukt in het interview op pagina 6 het belang van samenwerking; betere gegevensdeling maakt vroegsignalering mogelijk en voorkomt dat kleine betalingsachterstanden uitgroeien tot verwoestende schulden.
Maar terwijl we praten over vooruitgang, haalt de politieke realiteit ons ruw in. Het kabinet heeft besloten het budget voor het proactief benaderen van mensen die bijstand mislopen te schrappen om gaten elders op de begroting te dichten. Dit is een onbegrijpelijk besluit. Ruim 150.000 mensen leven nu onnodig onder het bestaansminimum omdat ze de weg niet weten of bang zijn voor de regels. Het schrappen van dit plan is een vorm van kapitaalvernietiging. We weten namelijk dat deze mensen uiteindelijk tóch bij de gemeente aankloppen, maar dan met drie keer zoveel problemen, diepere schulden en een slechtere gezondheid.
Dit kabinetsbesluit is een kille bezuiniging die de uitvoering van gemeenten direct raakt en de meest kwetsbaren in de kou laat staan. Het maakt van menig klantreis een doodlopende weg. Minder papierwerk en meer proactieve aandacht is geen luxeartikel waar je op kunt bezuinigen als het financieel even tegenzit; het is het fundament van een betrouwbare overheid. De Wet proactieve dienstverlening biedt een kans om de complexiteit te doorbreken, maar die kans wordt nu moedwillig de nek omgedraaid. We moeten terug naar de menselijke maat, juist nu. Dat is geen kleine opgave, maar het is de enige weg vooruit.